Verberg de rommel…

Ik heb een hoek in mijn tuin achter de garage waar ik rommel zet waarvan ik denk dat ik het ooit nog eens zal kunnen gebruiken.  Noem het een stort, noem het een kringloophoekje, noem het een openluchtberging, maakt me niet uit.  Maar ik moet toegeven dat het uitzicht me ook wel een beetje stoorde.  Een 4-tal jaar geleden had ik 2 schermen gemaakt van 2m x 2m van oude takken met het gedacht dat ik die ooit wel zou kunnen gebruiken.  Nu was het eindelijk zover (voor die takken rot zijn zullen ze toch nog voor iets gediend hebben).

Mijn hoekje met spullen die ik ooit nog zou kunnen gebruiken...
Nog steeds hetzelfde hoekje, maar een beetje gecamoufleerd.

Spijtig genoeg heb ik geen foto’s gemaakt toen ik die schermen aan het maken was.  Ik zal toch proberen te beschrijven hoe ze te maken.  Op onderstaande foto staan 2 soorten : rechts gemaakt van een of andere conifeer, links gemaakt van takken van hazelaar.

1. Er zijn 3 takken die verticaal staan.  Die moet je met spanklemmen onderaan vastmaken aan een plank zodat ze rechtop blijven staan.

2. Dan moet je de eerste tak er horizontaal tussen weven : voor de linkse verticale stok, achter de middelste verticale stok, en voor de rechtse verticale stok.  Dit is een beetje wringen, het gaat makkelijk als je ze vanboven insteekt en naar beneden schuift.

3. De volgende horizontale tak : achter de linkse verticale stok, voor de middelste verticale stok, en achter de rechtse verticale stok.  De horizontale stokken zitten dus afwisselend “voor – achter – voor” een horizontale stok.  Hierdoor klemmen alle takken vast en heb je geen nagels of vijzen nodig om de takken op hun plaats te houden.

4. Blijf 2 en 3 herhalen tot je boven bent.  Denk eraan dat je véél takken nodig hebt om een scherm van 2m x 2m te maken (65 in mijn geval).

5.  Als je klaar bent, zaag de uiteinden recht af met een (cirkel)zaag zodat je een mooi rechthoekig scherm krijgt.

Een nieuwe wereld gaat open

Ik ben geboren in een klein kotje, daar een paar weken verbleven bij mijn mama, verhuisd naar een klein kotje in een winkel, dan als cadeautje terechtgekomen in een ander kotje.  Maar wat blijkt, dat kotje heeft een opening met een helling naar beneden waar een andere cavia altijd door verdwijnt en plots terug opduikt.  Mijn nieuw baasje heeft me na een week geleerd om (na een dagelijkse streelbeurt) via die helling terug in mijn kotje te geraken.  Ambetanter was het toen hij me uit mijn kotje op die helling naar beneden duwde.  Dat was wel akelig hoog zulle, die 30 cm.  Maar eigenlijk is er niet veel aan, nu sprint ik die helling op en af gelijk het niets is.  Nu volg ik mijn grote zus, en die loopt zelfs naar buiten.  Zo’n grote speeltuin die we daar hebben.  En schuilplaatsen voor als er gevaar is.  Mijn grote zus durft al meer dan ik, die gaat al direct naast die met zijn flaporen gras eten, en die heeft ook geen schrik van die rare beesten met vleugels.  Later als ik groot en sterk ben zal ik dat ook durven, maar nu blijf ik nog dicht bij mijn schuilhokjes.

(Annelien, de cavia)

Mijn geduld is op !

Ik ben een geduldig persoon, de rust zelve eigenlijk…

… Maar genoeg is genoeg !  Ik heb zes maanden geleden een Vlaanderse Koekoek haan en 2 hennen (maar eentje is spijtig niet meer onder de levenden)  gekocht om te kweken.  Joske de haan doet zijn werk meer dan behoorlijk, ook bij de buren.  De hen Kristel legt met regelmaat eitjes en na een schijnbeweging 2 maand geleden wil ze maar niet overgaan tot platte rust op haar nest.  (Jaja, ik weet het, het is van de ene dag op de andere dat ze plots beginnen broeden, je ziet dat niet geleidelijk aankomen, dus het kan dat ze morgen niet meer van haar nest komt.)  Maar onder het motto “Doe-Het-Beter-Zelf” heb ik mij een broedmachine aangekocht (een motorbroedmachine van het merk Cleo)

Ik dacht van al direct de 12 meest recente eieren die ik netjes bewaar en dagelijks 2 keer draai er te kunnen inzwieren, maar na het lezen van de handleiding moet die eerst 16 tot 24 uur draaien om de temperatuur te regelen en te controleren.  Nog een dagje geduld dus.

De temperatuur moet tussen de 37,6° en 37,8°C zijn (de laatste 3 dagen mag dat 0,2°C lager zijn).  Luchtvochtigheid moet tussen de 45 en 50% zijn tijdens het broeden (dagen 1 tot 18), en rond de 70 % bij het uitkomen (dagen 19 tot 21).  Drie dagen voor het uitkomen mogen de eieren niet meer gedraaid worden, de periode ervoor worden die 2 keer per dag gedraaid.

Hopelijk kan ik bij het uitkomen van de kuikentjes het verschil zien tussen de echte Vlaanderse Koekoeks, en de nakomelingen van mijn “stratier-kip” Swa die ook het kleurshampo “koekoek” gebruikt voor haar pluimkes.

Als alles goed gaat, leg ik morgen de eieren in de broedmachine, en heb ik op 12 mei kuikentjes 🙂